Voorstel van resolutie voor aanpak van genitale verminking bij vrouwen
Volksvertegenwoordigers Ellen Samyn c.s. (VB) dienden in de Kamer van Volksvertegenwoordigers een voorstel van resolutie in betreffende een gerichtere aanpak van genitale verminking bij vrouwen.
Herman Nys, em. prof. medisch recht KU Leuven
Veel westerse artsen zijn niet (goed) vertrouwd met de praktijk van vrouwelijke genitale verminking, wat leidt tot onaangepaste medische behandelingen en wat de drempel voor de slachtoffers om medische hulp te zoeken verhoogt, stellen de indieners.
Sinds de wet van 17 maart 2001 is genitale verminking van meisjes en vrouwen strafbaar in België. De wet spreekt over ‘elke persoon die eender welke vorm van verminking van de genitaliën van een persoon van het vrouwelijk geslacht uitvoert, vergemakkelijkt of bevordert, met of zonder haar toestemming.’ (art. 409 Strafwetboek).
Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende gradaties van verminking. Het is de rechter die oordeelt over de ernst en de strafmaat (gevangenisstraf van drie tot vijf jaar).
Erge vormen van besnijdenis bij jongens kunnen bestraft worden op grond van opzettelijke slagen en verwondingen.
Op grond van artikel 458bis strafwetboek kunnen artsen genitale verminking melden aan de procureur des Konings zonder het beroepsgeheim te schenden.
Verzoeken aan de federale regering
Het voorstel van resolutie verzoekt de federale regering onder meer:
1. om van de strijd tegen vrouwelijke genitale verminking een topprioriteit te maken, met bijzondere aandacht voor een betere justitiële aanpak van de daders en hiervoor voldoende middelen vrij te maken;
(..)
4. te voorzien in de mogelijkheid tot het opleggen van een (levenslang) beroepsverbod wanneer geneesheren, heelkundigen, vroedvrouwen en/of alle andere personen binnen de medische sector die uit hoofde van hun staat of beroep kennis dragen van geheimen, hebben meegeholpen aan genitale verminking van vrouwen of dit hebben aangemoedigd of gepromoot hebben;
(..)
6. in het toekomstig Strafwetboek een nieuw artikel te schrijven inzake het beroepsgeheim betreffende vrouwelijke genitale verminking opdat dit beroepsgeheim, zoals nu bepaald in artikel 458bis van het Strafwetboek, te allen tijde (en dus ook ten aanzien van meerderjarigen) doorbroken kan worden wanneer een geneesheer, een heelkundige, een vroedvrouw en alle andere personen uit de medische sector die uit hoofde van hun staat of beroep kennis dragen van geheimen, weet hebben van een reeds uitgevoerde genitale verminking óf deze persoon met voldoende zekerheid kan stellen dat een meisje of een vrouw het slachtoffer dreigt te worden van genitale verminking;
(..)
8. er bij de deelstaatregeringen op aan te dringen om meer aandacht te besteden aan preventie betreffende genitale verminking en hiervoor voldoende middelen vrij te maken.