OSAS: naar een paradigmaverandering in de slaapgeneeskunde?
PNEUMOLOGIE Op het congres van de European Respiratory Society dit jaar in Barcelona zijn nieuwe Europese richtlijnen over CPAP (niet-invasieve positievedrukbeademing) bij een obstructief slaapapneusyndroom (OSAS) gepresenteerd. De behandeling moet bij elke patiënt afzonderlijk worden aangepast volgens de symptomen, de therapietrouw en het cardiovasculaire risico.

Welke patiënten met een OSAS vinden echt baat bij CPAP? Prof. Dries Testelmans (UZ Leuven) heeft de nieuwe gezamenlijke richtlijnen van de European Respiratory Society (ERS) en de European Sleep Research Society (ESRS) gepresenteerd. Die richtlijnen zijn opgesteld volgens de GRADE-methode en zullen worden gepubliceerd in het European Respiratory Journal. (1) Een tweede sessie ging over het cardiovasculaire risico en met name over hypertensie.(2)
Zeven PICO-vragen over CPAP
De nieuwe richtlijnen beschrijven de plaats van CPAP in zeven klinische situaties naargelang van het profiel en de eventuele comorbiditeiten van de patiënt:
1. Bij volwassenen met een OSAS: CPAP wordt voorwaardelijk aanbevolen. Het niveau van bewijskracht is echter zeer laag. CPAP heeft gunstige invloed op de slaperigheid, de kwaliteit van de slaap, de levenskwaliteit en de bloeddruk, maar de uitkomsten blijken nogal te verschillen van patiënt tot patiënt zodat het moeilijk is een universele aanbeveling te formuleren. CPAP wordt wel sterk aanbevolen (matig niveau van bewijskracht) in geval van sterke slaperigheid overdag. Bij een matig ernstig tot ernstig OSAS wordt CPAP voorwaardelijk aanbevolen (laag niveau van bewijskracht).
2. OSAS zonder slaperigheid overdag: het is niet bewezen dat CPAP cardiovasculaire accidenten beter voorkomt en de sterfte sterker verlaagt dan geen behandeling (voorwaardelijke aanbeveling, zeer laag niveau van bewijskracht). Bij de beslissing moet je rekening houden met de andere symptomen, de comorbiditeit en de ernst van het OSAS.
3. 65-plussers: voorwaardelijke aanbeveling van CPAP (matig niveau van bewijskracht), vooral bij gemotiveerde patiënten met symptomen die in staat zijn het toestel te gebruiken. Een lange follow-up is belangrijk om de therapietrouw te bevorderen.
4. Vrouwen met een OSAS: bij gebrek aan voldoende gegevens over vrouwen kan geen specifieke aanbeveling worden geformuleerd. Volgens de beschikbare gegevens zou CPAP gunstige invloed hebben op de subjectieve slaperigheid en de levenskwaliteit.
5. OSAS plus hypertensie (met inbegrip van therapieresistente hypertensie): voorwaardelijke aanbeveling van CPAP (laag niveau van bewijskracht). CPAP blijkt een beter effect te hebben op de bloeddruk als die onvoldoende onder controle is. De resultaten zijn ook beter als CPAP wordt gecombineerd met een bloeddrukverlagende behandeling.
6. OSAS en atriumfibrillatie: om een recidief van AF te voorkomen, kan je zowel CPAP voorschrijven als beslissen om geen behandeling te geven (voorwaardelijke aanbeveling, zeer laag niveau van bewijskracht).
7. OSAS en diabetes: je kan CPAP overwegen of je kan beslissen geen behandeling te geven om de glykemiecontrole te verbeteren (zeer laag niveau van bewijskracht). Bij sommige patiënten zou CPAP doeltreffend kunnen zijn en met name in geval van zwangerschapsdiabetes én een OSAS.
Cardiovasculair risico: goed naleven van CPAP
In de gerandomiseerde studies uitgevoerd bij patiënten met een OSAS én een hart- en vaataandoening is bij analyse volgens het principe van intentie tot behandelen geen daling van de incidentie van cardiovasculaire accidenten bij behandeling met CPAP vastgesteld. Voorzichtigheid is echter geboden bij de interpretatie van dat resultaat. De therapietrouw, die bepalend is voor de werkzaamheid van de behandeling, laat immers vaak te wensen over.
In een meta-analyse van drie gerandomiseerde studies in de secundaire preventie bij 4.186 patiënten is na een mediane follow-up van 3,3 jaar geen daling van de incidentie van ernstige cardiovasculaire en cerebrovasculaire accidenten (MACCE) waargenomen. Gebruik van CPAP ≥ 4 uur per nacht correleerde echter met een significant lagere incidentie van MACCE dan gebruik < 4 uur (HR 0,66; 95% BI: 0,52-0,85). De therapietrouw is bepalend wat de mogelijke gunstige cardiovasculaire effecten van CPAP betreft.(3)
De therapietrouw bepaalt ook het effect op de bloeddruk en is naast de ernst van het OSAS een van de belangrijkste factoren die het effect van CPAP op de bloeddruk beïnvloeden. (2) Bepaalde patiëntprofielen zouden meer baat kunnen vinden bij CPAP: jongere, slaperige patiënten met een ernstiger OSAS en meer hypoxie ’s nachts zonder bewezen cardiovasculaire afwijking.(3)
'We evolueren naar een meer gepersonaliseerde behandeling van het OSAS'
OSAS en hypertensie: belang fenotype
De intermitterende hypoxemie bij patiënten met een OSAS werkt oxidatieve stress, ontsteking, endotheeldisfunctie en activering van het sympathische zenuwstelsel in de hand, wat leidt tot vasoconstrictie en remodellering van de bloedvaten. Onder invloed van die mechanismen kunnen nachtelijke episoden van hypertensie evolueren naar een persisterende hypertensie. Dat blijkt vooral zo te zijn bij jonge patiënten en patiënten van middelbare leeftijd. Het risico op hypertensie zou hoger kunnen zijn bij vrouwen.(2)
Ook de respons van de bloeddruk op CPAP blijkt erg uiteenlopend te zijn. In de ANDANTE-studie, een meta-analyse van 36 gerandomiseerde studies bij 9.434 patiënten, hing de respons sterk af van de initiële bloeddruk. De patiënten bij wie de bloeddruk bij inclusie in de studie niet onder controle was, hebben er het meeste baat bij gevonden. Bij de patiënten bij wie de bloeddruk al onder controle was, en bij patiënten met een normale bloeddruk had de CPAP geen significant effect op de bloeddruk.(4)
Ook het profiel van de bloeddruk ’s nachts blijkt erg belangrijk te zijn. Een non-dipperprofiel correleert met een hoger risico op cardiovasculaire accidenten, ook bij patiënten met een normale bloeddruk. Bij patiënten met een ongecontroleerde hypertensie en patiënten met een bepaald bloeddrukprofiel ’s nachts blijkt CPAP het beste effect te hebben op de bloeddruk. Een 24 uursbloeddrukmeting is dan ook interessant om de patiënten op te sporen die het best op CPAP zullen reageren.(2)
Er bestaat echter nog geen biomerker die het optreden van hypertensie en de respons op CPAP kan voorspellen. Daarom moet worden gezocht naar multifactoriële voorspellende modellen.(2)
Naar een geïntegreerde aanpak
De werkzaamheid van een behandeling voor OSAS hangt niet alleen af van het vermogen om de obstructie te corrigeren, maar ook van het effectieve gebruik ervan. In de CRESCENT-studie, die is uitgevoerd bij patiënten met een matig ernstig tot ernstig OSAS én hypertensie, was het effect van een mandibulair repositieapparaat op de bloeddruk niet minder goed dan dat van CPAP. Zo’n mondbeugel vermindert de apneu wel minder goed, maar allicht zijn die resultaten mede te danken aan een betere therapietrouw.(5)
Zwaarlijvige patiënten moeten vooral vermageren. Volgens een per-protocolanalyse van de gerandomiseerde studie van Chirinos et al. daalden de systolische bloeddruk en de gemiddelde bloeddruk bij patiënten die de behandeling goed naleefden, beter met een combinatie van CPAP en vermagering dan met vermagering of CPAP alleen.(6) We evolueren dus naar een meer gepersonaliseerde behandeling van het OSAS op geleide van het profiel, de comorbiditeiten en de therapietrouw van de patiënt.(2)
Referenties:
1. Continuous Positive Airway Pressure (CPAP) for the treatment of adult OSA. Guideline session. ERS Congress 2026, Barcelona, 2026.
2. State of the art session: Sleep and breathing disorders. ERS Congress 2026, Barcelona, 2026.
3. Bradicich M, Pengo MF, Steier J, Schwarz EI. Cardiovascular effects of obstructive sleep apnoea and effects of continuous positive airway pressure therapy: evidence from different study models. ERJ Open Res. 2025;11(2):00718-2024. doi:10.1183/23120541.00718-2024.
4. Pengo MF, Schwarz EI, Barbé F, et al.; ANDANTE collaborators. Effect of CPAP therapy on blood pressure in patients with obstructive sleep apnoea: a worldwide individual patient data meta-analysis. Eur Respir J. 2025;65(1):2400837. doi:10.1183/13993003.00837-2024.
5. Ou YH, Colpani JT, Cheong CS, et al. Mandibular Advancement vs CPAP for Blood Pressure Reduction in Patients With Obstructive Sleep Apnea. J Am Coll Cardiol. 2024;83(18):1760-1772. doi:10.1016/j.jacc.2024.03.359.
6. Chirinos JA, Gurubhagavatula I, Teff K, et al. CPAP, Weight Loss, or Both for Obstructive Sleep Apnea. N Engl J Med. 2014;370:2265-2275. doi:10.1056/NEJMoa1306187.